Verzetsvrouw verdient een eigen straat

Leestijd: 3 minuten

In de Verzetsheldenbuurt in Leiden Zuidwest zijn op dit moment alle straten vernoemd naar een man. Een verzetsvrouw verdient daarom in deze buurt een eigen straat. Door de bouwplannen rond de Telderskade komt er straks minimaal een straat bij. GroenLinks vindt dat de gemeente deze naar een verzetsvrouw moet vernoemen.

In de raadsvergadering waarin we spraken over de gebiedsvisie Telderskade heb ik daarom namens onze fractie hierover een motie ingediend. De gemeenteraad heeft zich in meerderheid hiervoor uitgesproken. Dit is een goed signaal voor verbeterde diversiteit en representatie ook in de Leidse straatnamen. Ik stelde ook voor om een verzetsvrouw in het bijzonder te vernoemen: Sietske Buiteveld.

Verzetsvrouwen

Van veel verzetsvrouwen is het heldhaftige verzetswerk dat zij deden onbekend gebleven. Dat had natuurlijk te maken met de rolpatronen van na de oorlog waarbij vrouwen in het algemeen minder op de voorgrond traden dan mannen. En voor velen ook de wens na de oorlog het normale leven zo spoedig mogelijk op te pakken. Hierdoor kennen we ongetwijfeld vele kleine daden van verzet en grote heldendaden van zowel mannen als vrouwen nog steeds niet.

Toch is aandacht voor de onderbelichte rol in het verzet van vrouwen van belang. Juist omdat deze vrouwen ook voor toekomstige generaties meisjes, vrouwen en hopelijk ook mannen een voorbeeld (kunnen) zijn. Zonder zichtbaarheid van gelijkende rolmodellen is het lastiger jezelf te spiegelen.

Sietske Buiteveld

Sietske Buiteveld is geboren in Friesland. Vanwege haar werk als verpleegkundige in het Academisch Ziekenhuis kwam zij in Leiden wonen. Deze vrijzinnige en licht anarchistische maar bovenal sociaal betrokken vrouw was al vroeg in de Tweede Wereldoorlog betrokken bij het verzet.

Samen met haar latere echtgenoot, Kees Piena, organiseerde zij onderduikadressen, illegale voedselbonnen en hield zij in haar kamer aan het Rapenburg zowel wapens als onderduikers verborgen. Buiteveld was actief lid van de Raad van Verzet (RVV). In 1944 weet zij Piena uit de Sichterheitsdienst-gevangenis aan de Weteringschans in Amsterdam te krijgen en ook redt ze Leidse verzetsman Bert de Jong uit Kamp Amersfoort.

Tijdens de hongerwinter zet zij een clandestien kindertehuis (kinderen van verzetsstrijders en ondergedoken mensen) op in het Diaconessenhuis aan de Witte Singel en runt deze tot aan de bevrijding. Het zijn enkele van de opmerkelijke en moedige verzetsactiviteiten die zij in de oorlog ondernam. Wat mij betreft een goede reden voor een straatnaam.

Verzetsvrouwen in de Stevenshof

Nou is Leiden niet verstoken van straten met vrouwelijke verzetshelden uit de Tweede Wereldoorlog. In de Stevenshof zijn er zo’n zeven straten vernoemd naar verzetsvrouwen. Toch vind ik het belangrijk dat er naast het Leonardo College waar veel jongeren hun middelbare-schooltijd beleven weten dat er ook verzetsvrouwen waren. En dat gaat niet door deze jongeren te verwijzen naar de Stevenshof of te verwijzen naar studieboek of website. Maar door ze dagelijks te confronteren met de naam van de straat waarnaast hun school ligt.

Raad aan zet

Sinds 2008, met de invoering van de Wet BAG, is de gemeenteraad verantwoordelijk voor de namen van straten. Een bevoegdheid die de Leidse Raad in 2015 weer delegeerde aan het College van Burgemeester en Wethouders die het op zijn beurt aan de straatnamencommissie laat om met een advies te komen. Daarom heeft de gemeenteraad ook niet besloten om deze nieuwe straat naar een verzetsvrouw te vernoemen. De Raad heeft de wens uitgesproken: bijvoorbeeld Sietske Buiteveld, een verzetsvrouw verdient een eigen straat.

Raad & straat 9

Via Raad & straat hou ik je regelmatig op de hoogte van mijn belevenissen als raadslid in Leiden. Wat gebeurt er in de raad en wat speelt er in de stad? Hopelijk maak ik het, via mijn verslag, allemaal een beetje duidelijker. Natuurlijk probeer ik het ook interessant te maken zodat je graag op de hoogte wil blijven.

Terug naar boven